Synagogen

Vrijdenkers, sektes en verschillende geloofsovertuigingen: in de Republiek lijkt het allemaal maar te kunnen.

Locatie: Portugees-Israëlitische Synagoge en Hoogduitse Synagoge Amsterdam

Lissabon, 1492. De Reconquista is voltooid, Spanje en Portugal zijn na een lange tolerante Islamitische periode weer in christelijke handen en nu is ook de Inquisitie onderweg. Joden staan voor de keuze: zich bekeren of vertrekken. Velen kiezen voor het laatste. Ze verspreiden zich over delen van Europa, Noord-Afrika en het Ottomaanse Rijk. Een eeuw later – met name na de val van Antwerpen – komen er grote groepen Sefardische Joden (oorspronkelijk afkomstig van het Iberisch schiereiland) naar de Republiek.

De Republiek staat bekend om haar gastvrijheid en vrijhandelsgeest. Hoewel buitenlanders deze ‘kermis van ketters, sektes en ander gespuis’ met argusogen bekijken, zien de joodse gemeenschappen hier een kans. Enkele decennia na de Sefardische Joden vestigen ook joden uit Midden- en Oost-Europa zich in de tolerante streek aan de Noordzeekust.

Met name de Sefardische Joden zijn welkom in de Republiek. Zij hebben als ervaren handelaren een sterk netwerk met contacten in onder andere Portugal, India en Brazilië. Maar vrij om te gaan en staan waar ze willen zijn ze niet. Ze mogen zich niet aansluiten bij gildes waardoor ze geen ambachten kunnen uitoefenen. Ook mogen ze hun religie lange tijd niet openlijk belijden. Pas in de tweede helft van de zeventiende eeuw krijgen ze hier toestemming voor.

Wie in 1675 in Amsterdam de Blauwbrug oversteekt richting de joodse buurt ziet twee opmerkelijke gebouwen met statige, hoge ramen. Het zijn nieuwe synagogen, waarvan er één op dat moment de grootste van de wereld is.

De Portugees-Israëlitische synagoge en de Hoogduitse weerspiegelen het succes van de Joodse gemeenschappen. Dat succes is te danken aan een combinatie van de joodse handelsgeest en aan de pragmatische houding van de Republiek tegenover nieuwkomers.

Deze synagogen zijn ook de erfenis van een volk dat zich gedwongen verspreidt over het continent. Van het Iberisch schiereiland tot Oost- en West-Europa, van de zesde eeuw voor Christus tot na 1945: de vervolging en uitsluiting van joden maakt onherroepelijk deel uit van de Europese geschiedenis. Tegelijkertijd is de Portugees-Israëlitische synagoge een van de oudste plekken in Europa waar continu joodse erediensten worden gehouden.

Op 8 april 2014 is het Europees Erfgoedlabel toegekend aan Kamp Westerbork. Kamp Westerbork belichaamt een deel van juist die geschiedenis waarmee het naoorlogse Europa heeft willen afrekenen. Kamp Westerbork symboliseert de raison d’être van de Europese Unie.
Net als alle andere Tweede Wereldoorlog-erfgoedsites heeft Kamp Westerbork betekenis voor heel Europa. Jongeren krijgen hier en passant ook informatie over andere, Nederlandse aspecten van de geschiedenis van het kamp.

Meer informatie: